lockdown closed

De nieuwe coronagolf: waarop heb ik als zelfstandige recht?

Zowel de Vlaamse als federale regering verstrengden de afgelopen weken de coronamaatregelen waardoor veel bedrijven opnieuw getroffen zijn. Als compensatie voor de verplichte sluiting of het omzetverlies voerden ze een aantal ondersteuningspremies in om zowel de bedrijfsleiders als de ondernemingen een hart onder de riem te steken in deze moeilijke periode.

Het dubbel en enkel overbruggingsrecht

Het bestaande overbruggingsrecht is nog steeds van toepassing voor de maanden oktober, november en december. Bovendien hebben de eenmanszaken en vennootschappen die verplicht zijn om de deuren te sluiten recht op een dubbele uitkering. Deze bedraagt 2.583,38 euro per maand voor een zelfstandige zonder gezinslast. Indien de ondernemer personen ten laste heeft, wordt de uitkering opgetrokken tot 3.228,20 euro. Het verhoogd bedrag is alleen geldig voor zelfstandigen in hoofdberoep, helpers en meewerkende echtgenoten.

Onder andere deze sectoren komen hiervoor in aanmerking: horeca, eventsector, niet-essentiële winkels, bepaalde contactberoepen zoals kappers, hondensalons, pedicure en schoonheidssalons.

Concreet kan het dubbel overbruggingsrecht voor de maand oktober aangevraagd worden indien de onderneming gesloten is van 19 oktober 2020 tot en met 31 oktober 2020. Voor de maand november dient het bedrijf de deuren te sluiten voor de volledig maand om aanspraak te maken op de dubbele uitkering. Uitbaters van horecazaken mogen eveneens take away aanbieden zonder verlies van de verhoogde uitkering. Meer informatie over het overbruggingsrecht voor december volgt later.

Het is mogelijk dat je onderneming overwegend afhankelijk is van een bedrijf die door de maatregelen gesloten is. Ook in deze omstandigheden kun je het gewoon overbruggingsrecht aanvragen. Voor een zelfstandige met gezinslast bedraagt de uitkering 1.614,10 euro per maand en zonder gezinslast 1.291,69 euro. Bedrijven die volledig afhankelijk zijn van een verplicht gesloten sector en die hierdoor eveneens gedwongen worden om hun onderneming te sluiten, kunnen genieten van het dubbel overbruggingsrecht. Als voorwaarde geldt hier dat deze zelfstandige moet bewijzen dat ze voor minimum 60% afhankelijk zijn van de gesloten sector. Indien de sector op een later tijdstip dan 1 november verplicht werd om de beroepsactiviteit tijdelijk stop te zetten, geldt deze datum om volledig recht te hebben op de dubbele uitkering van de maand november.

Bovenstaande bedragen gelden voor zelfstandigen in hoofdberoep maar het overbruggingsrecht is ook van toepassing op zelfstandigen in bijberoep die sociale bijdragen betalen op een bepaald geïndexeerd inkomen voor 2020. Om het volledig bedrag van het enkel overbruggingsrecht te ontvangen is een geïndexeerd inkomen van 13.993,78 euro vereist. Indien de zelfstandige in bijberoep sociale bijdragen betaalt op een geïndexeerd inkomen tussen 6.996,89 euro en 13.993,78 euro, is een halve uitkering mogelijk. Concreet gaat het hier om 807,05 euro per maand voor zelfstandigen met gezinslast en 645,85 euro zonder gezinslast. Deze zelfstandigen kunnen wel het volledig bedrag genieten indien zij door de beslissingen van de overheid genoodzaakt zijn om hun onderneming te sluiten. Dit bedrag komt overeen met het enkel overbruggingsrecht voor zelfstandigen in hoofdberoep.

Het overbruggingsrecht voor de maanden oktober, november en december 2020 dient ten laatste op 30 juni 2021 te worden aangevraagd. Momenteel is de aanvraag voor  het dubbel overbruggingsrecht nog niet mogelijk maar het is raadzaam om reeds het gewoon overbruggingsrecht aan te vragen.

Overbruggingsrecht heropstart

Hierbij wordt kort vermeld dat de overige zelfstandigen en vennootschappen nog aanspraak maken op het overbruggingsrecht van de heropstart tot eind 2020. De belangrijkste voorwaarde hierbij is dat deze ondernemingen tijdens de eerste lockdown minimum één maand gesloten zijn geweest door de beslissingen van de Veiligheidsraad.

De maatregel bestond reeds voor de maanden juni, juli, augustus en september 2020. Door de stijgende coronacijfers wordt deze premie nu ook verlengd voor de maanden oktober, november en december 2020. Voor de laatstgenoemde maanden moet de zelfstandige kunnen aantonen dat de omzet van derde kwartaal van 2020 minimum 10% lager is dan de omzet van hetzelfde kwartaal van 2019. De aanvraag is wel slechts mogelijk voor zelfstandigen in hoofdberoep.

Het uit te keren bedrag is afhankelijk van het al dan niet hebben van personen ten laste. De categorie met gezinslast heeft recht op 1.614,10 euro per maand en de andere categorie op 1.291,69 euro per maand.

Overbruggingsrecht voor quarantaine

In bepaalde gevallen kan de zelfstandige quarantaine voorgeschreven worden voor een bepaalde periode. Hij/zij of een huisgenoot moet hiervoor een medisch attest kunnen voorleggen en bewijzen dat de zelfstandige activiteit moet worden stopgezet voor een periode van minimum 7 kalenderdagen. De zelfstandige kan ook genoodzaakt zijn om te zorgen voor zijn kinderen die in quarantaine moeten door sluiting van de school.

De quarantaineperiode wordt gecompenseerd en het bedrag is hier eveneens hoger bij gezinslast. Deze zelfstandigen hebben recht op 403,53 euro terwijl degene zonder gezinslast een bedrag van 322,92 euro ontvangen. Indien de quarantaineperiode van de zelfstandige tussen 14 en 20 dagen duurt, komen de bedragen overeen met 807,05 euro met gezinslast en 645,84 euro zonder gezinslast.

In bepaalde gevallen vervalt deze compensatiemaatregel. Ten eerste als de zelfstandige de mogelijkheid heeft om in zijn eigen woning zijn beroepsactiviteit verder uit te oefenen. Bovendien mag de zelfstandige of zijn/haar huisgenoot niet op reis geweest zijn naar een risicogebied.

Het nieuw Vlaams beschermingsmechanisme

Voor de maanden augustus en september 2020 trad het Vlaams beschermingsmechanisme in werking. De aanvraag hiervoor was ten laatste 15 november 2020. Een nieuwe versie met name het nieuw Vlaams beschermingsmechanisme geldt voor de maanden oktober en november 2020. Deze  kent enkele wijzigingen en kan aangevraagd worden vanaf 16 november 2020.

Er gelden drie referteperiodes namelijk 1 oktober 2020 tot en met 15 november 2020 of 19 oktober 2020 tot en met 15 november 2020. De omzet wordt vergeleken met dezelfde periode in 2019. Indien de eenmanszaak of vennootschap een omzetverlies van minimum 60% kan aantonen, heeft hij/zij recht op deze premie.

Het is vanzelfsprekend dat de verplicht gesloten ondernemingen ook een premie kunnen aanvragen voor de periode van sluiting. Deze wordt als de derde referteperiode aanzien. Het bewijs van omzetverlies is hier niet nodig.  

Voor de horeca geldt een bijzondere regeling. Indien zij opteren voor de eerste periode, zijn zij verplicht om hun omzetdaling te bewijzen. Dit is niet het geval indien de horecazaak kiest voor de tweede periode. Een uitzondering hierbij is wanneer minimum 50% van de omzet in dezelfde periode van 2019 uit take away bestond. In deze situatie moet de horecazaak wel het omzetverlies aantonen.

Alle referteperiodes hebben recht op een uitkering van 10% van de omzet exclusief btw van de overeenstemmende periode in 2019. Er is wel een verschil in maximabedragen. De premie voor de eerste periode bedraagt maximum 11.250 euro voor bedrijven met maximum 9 werknemers en maximum 22.500 euro voor ondernemingen die tussen 10 en 49 werknemers in dienst hebben. Vanaf 50 werknemers is er voor de eerste periode een plafond van 60.000 euro. Bij de tweede periode bedragen de maxima respectievelijk 7.500 euro, 15.000 euro en 40.000 euro. Voor horecazaken die maaltijden aanbieden of traiteurs die ook catering voorzien bestaat er een afwijking. Bij het ontbreken van een witte kassa kunnen zij maximum 2.250 euro steun ontvangen.

De overheid voorziet een minimumbedrag aan steun voor de getroffen ondernemingen. Tijdens de referteperiode van 1 oktober tot en met 15 november wordt minimum 1.000 euro toegekend en voor de referteperiode van 19 oktober tot en met 15 november minimum 600 euro. Deze minimum- en maximumbedragen worden geprorateerd voor ondernemingen die op een later tijdstip verplicht werden om te sluiten. Op de website van Vlaio is hiervoor een lijst voorzien per sector.

Voor zelfstandigen in bijberoep is 5% van de omzet exclusief btw mogelijk indien hun beroepsinkomen van 2019 tussen 6.996,89 euro en 13.993,78 euro bedraagt. Bovendien mogen zijn geen arbeidscontract afgesloten hebben van minimum 80% van een voltijdse betrekking. Bij het overschrijden van de grens van 13.993,78 euro als beroepsinkomen komen zij in aanmerking voor de volledige premie net als zelfstandigen in hoofdberoep.

Brugge
Baron Ruzettelaan 286
8310 Brugge – Assebroek

050-14.06.61
brugge@cb-i.be

Privacyverklaring